Je beoordeelt de arbeidsmogelijkheden van mensen die door ziekte of andere omstandigheden niet volledig kunnen werken. In gesprekken kijk je niet alleen naar de medische situatie, maar ook naar werk, belastbaarheid en persoonlijke omstandigheden. Zo onderzoek je wat iemand nog wél kan en welke stappen richting werk mogelijk zijn.
Een werkweek is afwisselend. Je voert beoordelingen uit, werkt rapportages uit, volgt opleiding en overlegt met je team over casussen. Zoals een arts vertelt: “Op maandag doe ik 1 of 2 beoordelingen, dinsdag is mijn opleidingsdag, woensdag doe ik er 2 en donderdag rapporteer ik alles. Tussendoor overleg ik met mijn team en bespreek ik casussen.”